20 jul 2012

Een allround spinhengel voor de polder?




Een van de leuke dingen van een blog hebben is dat er regelmatig berichten in mijn mailbox zitten van lezers. Een deel van die berichten zijn vragen, en uiteraard beantwoord ik die altijd en met plezier. Een vraag die me regelmatig gesteld wordt is welke spinhengel 'moet' ik kopen, en dan vooral ook, waarom moet ik die dan kopen. Een simpele vraag, maar het antwoord daarop is niet zo simpel.




Waar vist de vraagsteller; polder en stadswater, of op groter water, of allebei? Wat voor vis zwemt er rond en waar heeft de vraagsteller het voornamelijk op voorzien? Wat is het gemiddelde formaat van deze vissen, wat is je favoriete kunstaas, en uiteraard, heb je al ervaring met de ultra lichte spinhengel?  Een beginnende spinvisser een anderhalfgrammer aanraden is gekkenwerk, maar ook een driegrammer is dan veel te licht om goed ervaring mee op te doen. Daarbij zijn deze hengeltjes ook nog eens beperkt inzetbaar, en zijn zeker geen allround kunstaas/spinhengeltjes.

Ook zijn er vissers die liever slechts één echte goede spinhengel kopen en het daarbij willen laten. De redenen daarvoor zijn uiteenlopend. Kijk ik naar mezelf en zou ik (slechts) twee spinhengels mogen houden die ik op dit moment bezit, dan zou ik kiezen voor de The Artist en de Mosquito 3LV. Bijna al het kunstaas wat ik vis, maar ook al het water dat ik bevis kan ik af met deze twee spinhengels onder alle omstandigheden en in alle jaargetijden.




Moeilijk wordt het pas als ik slechts een spinhengel zou mogen houden! Dan vallen The Artist en de Mosquito 3LV beiden af. Maar wat moet ik dan... De Mosquito 1LV is dan de beste optie. Zit precies tussen The Atist en de Mosquito 3LV in, voor wat betreft het vermogen, maar ook qua lengte. Lees ik de eerste verslagen terug op SddP dan is er een groot scala aan kunstaas te vissen op deze spinhengel, en is hij voor mijn visserijen bijna overal inzetbaar. Maar niet altijd... Voor dicht begroeide polderslootjes in de zomer, of harde wind tijdens de herfst heb ik een zwaardere spinhengel nodig. Maar ook tijdens een dagje op Kroko jacht bij m'n maatje John op groot water gebruik ik liever een zwaardere spinhengel, dan de Mosquito 1LV. Een vijfgrammer is gewoon geen allround spinhengel, helaas.

Gelukkig heb ik dat probleem niet, ik kijk naar buiten voor ik ga vissen en kan kiezen met welke spinhengel(s) ik vandaag ga vissen. Ik ben door de jaren heen bijna voor 100% roofvisser met de spinhengel geworden en heb dus niet het probleem dat ik voor zeelt, karper en brasem enz. hengels nodig heb. Ik heb me gericht op slechts een tak van de hengelsport en me er in gespecialiseerd.




Maar zou ik ooit een allround spinhengel mogen ontwerpen, dan zou dat een hengel van rond de 7,5 ft (rond de 230 cm en uiteraard van grafiet) worden. Een achtgrammer zou het dan moeten worden, die daardoor dus precies tussen de Mosquito 1LV en 3LV  invalt. Met een overlap naar twee kanten voor wat betreft het te vissen kunstaas. Je kunt er heel goed een Zaansepolder spinner met een blad van 25 mm op vissen als kleinste spinnertje, maar ook een 45 mm terrible spinner als grootste spinner. Alles wat daartussen in zit kan er dus ook prima op gevist worden. Denk ik aan streamers, dan zijn de mogelijkheden opeens onbeperkt geworden. Vanaf bijvoorbeeld de kleine SddP streamer tot de Suikerspin aan toe, en daartussen in zijn zoveel streamers te verkrijgen...

Lepels voor de polder een bijna vergeten kunstaas, maar sinds een jaar of vijf weer helemaal in beeld. Pako PS, Pako S en Pako 6 kun je vissen op een achtgrammer. Niet meer te koop, maar ik heb ze nog! Kijk eens bij Traditional; het schap hangt er vol met prachtige lepeltjes voor de polder, maar ook voor de achtgrammer. De Pelikaan lepels in zowel de vijf en zeven gram uitvoering zou ik erop vissen, maar er hangen nog veel meer lepeltjes bij Temming aan de pennen die uitstekend op de in mijn ogen allround spinhengel gevist kunnen worden.

Dan zijn er nog de ABU Toby's in 7 en 10 gram, die kun je er ook goed op vissen en een uitstapje naar de Nieuwe Waterweg, het OVM of de pier van IJmuiden behoren zeker tot de mogelijkheden met deze spinhengel!




Plugjes, te veel om op te noemen, kijk maar eens naar Rapala. Deze firma maakt voor de achtgrammer al een ongelofelijke hoeveelheid plugjes. Langwerpig, bol, twee-delig, drijvend, zinkend, maar ook voor de oppervlakte visserij. Voor al deze plugjes en technieken heeft de achtgrammer voldoende vermogen maar vooral ook de body om deze optimaal te kunnen vissen.

Kom ik bij de ideale lijn voor deze spinhengel, dan zegt het boekje 0,18 mm nylon. Kan, maar ik zou kiezen voor 0,08 mm NanoFil op de achtgrammer. Een molen is niet zo moeilijk, een 1000 model past eronder, maar ook een 2500 model.

Hoe zou ik deze spinhengel het liefst afgebouwd zien? Rubberkurk, geloof me, dat spul ligt ontzettend goed in de hand. Laat ik eens gek doen, waarom niet! Nadeel is dat het  is iets zwaarder is dan gewoon kurk, maar omdat het veerkrachtiger is dan kurk beschadigt het op de lange duur niet door de reelringen - want die moeten erop komen. Het gewichtsverschil is simpel op te lossen door een gedeelde greep te monteren. De hengel oogt dan ook nog eens lekker hip, en dus helemaal van deze tijd. Originele Fuji SIC ogen maken het plaatje af, alleen de kleur van de wikkelingen, daar ben ik nog niet uit...

Stof tot nadenken dus!

Groeten,
Peter


18 jul 2012

Traditional Twinspin


WTF!


Dinsdag 17 juli. De naam Twinspin doet me denken aan een spinhengeltje met twee verschillende toppen. Gelukkig is dat niet zo, en heeft Ton Temming geen ultra lichte spinhengel ontworpen waarmee je op papier dankzij de twee toppen alle takken van het ultra lichte spinnen zou afdekken. Want dat is nog steeds onmogelijk!

Enigszins van de eerste schrik bekomen blijkt de naam Twinspin van toepassing te zijn op een spinnertje. Ook nu is het toch weer schrikken want zoiets mafs heb ik nog nooit gezien. De eerste gedachte is dat de Chinees die deze spinnertjes in elkaar gezet heeft geen tekening kan lezen. Of dat Ton gewoon heeft vergeten de tekening  mee te sturen naar China.

De Twinspin spinner is niet gebouwd op een dun stukje roestvast draad, maar de body is gemaakt van twee warteltjes, twee splitringen, en twee spinnerblaadjes, daarachter een forse enkele haak met daarop twee mini spinnerblaadjes. De spinnerblaadjes tussen de warteltjes in zijn ook nog eens binnenstebuiten gemonteerd. Dus met de holle kant aan de buitenkant.

'Ton is aan de crack', zou je bijna denken bij het zien van deze creatie. En dan bedoel ik bij crack niet die spinmolen waardoor in het verleden menige grote snoek dankzij de haperende en stoterende slipwerking eerder zijn vrijheid kreeg dan bedoeld.




Om weer terug te gaan naar de Twinspin(ner): het ding blijkt niet in China gemaakt te zijn, is zelfs al uitvoerig getest en blijkt ook nog vis te vangen. Althans, dat zegt Ton... Om het nog gekker te maken, hij moet gevist worden op een X-UL spinhengeltje. In Ton's geval het lichtste Pelikaan spinhengeltje, maar de Fair Play Rapier, CJW The Edge en Mosquito 00 zijn natuurlijk ook uitstekend geschikt.

Afgelopen vrijdag toen ik bij Traditional was heb ik er een gekocht. Vanavond na het eten ga ik het stuk blik eens goed aan de tand voelen.

Naast de Twinspin spinner kan ik ook meteen de ultra dunne spinstangetjes uitproberen. Deze laatste zijn nog dunner dan de bekende J-B ultra lichte spinstangen uit Frankrijk. De CJW The Edge, een 500 model werpmolentje met 0,12 mm nylon erop maken mijn uitrusting compleet.

Bij een ultra licht tandem spinnertje ben ik gewend dat je dat heel traag naar binnen kunt vissen. Na de eerste worp komt de Twinspinner op deze manier naar binnen gevist zonder te draaien terug. Na een harde haal met The Edge krijg ik er na de tweede worp leven in. De gevoelige top van The Edge geeft trillingen door. Maar na een kleine meter binnen draaien is de Twinspinner weer een dood stuk blik.




Na de derde worp wordt na een flinke tik uit de top de Twinspinner met een voor mij gevoel iets te hoge snelheid naar binnen gevist. Hij doet het! Maar ook deze keer weigert de Twinspinner dienst. Of toch niet! Een baarsje blijkt de schuldige te zijn.

Gelukkig kan ik de Twinspinner na de volgende worp tot onder de top van mijn spinhengeltje draaiend naar binnen vissen. Gedurende het eerste half uur vang ik op deze manier (in een snel tempo naar binnen gevist) vissend flink wat mini baarsjes.

Eens kijken wat er gebeurt als ik de Twinspinner met flinke halen naar binnen vis, ook wel de huppeltechniek genoemd. De gestreepte rovertjes worden er in ieder geval helemaal wild van.








Weer een worp, en na de tweede of derde tik met de hengeltop wordt er aan de andere kant van de lijn plots keihard teruggetikt. Even voor de duidelijkheid, ik vis met een anderhalfgrammer en 0,12 mm nylon.
Een snoekje zet het kleine slootje compleet op zijn kop, de brasems die net nog onder de overkant op zoek waren naar voedsel schieten als wilden door het slootje heen. Kicken!

Rond 22.00 uur vinden de baarsjes het genoeg geweest. De aanbeten lopen terug, een teken om richting Francine en een late bak koffie te gaan.

Groeten,
Peter

16 jul 2012

Met John de polder in




Zondag 15 juli. Vandaag komt John van Gameren een dagje vissen bij mij in de polder. Een afspraak die al een tijd stond en waar wij beiden erg naar hebben uitgekeken. Het wisselvallige weer doet daar niets aan af.

Een dagje met John struinen door polder in de zomer was de afgelopen jaren bijna standaard met de tweegrammer en mini spinnertjes. Nog altijd leuk om te doen, en zeker in de zomer met 100% vangstgarantie. Toch hebben wij afgesproken vandaag John's tweegrammer en mijn anderhalfgrammer thuis te laten. Om er nog een schepje bovenop te doen: we nemen deze keer ook geen spinnertjes mee de polder in!

Ultra licht in de polder zonder een enkel spinnertje in de spinnerdoos (eh, kunstaasdoos) klinkt als een uitdaging, maar dat is het zeker niet. Natuurlijk, met een klein spinnertje is het mogelijk om heel secuur de open stukken in de vaak bijna dicht gegroeide zomerse polder uit te vissen. Maar met een klein streamertje gaat dat ook prima. Beter nog, met een streamertje kan prima net boven en zelfs door de waterplanten gevist worden zonder dat het zijn actie verliest. Waar een mini spinnertje stilvalt door maar een enkel dun draadje draadwier gaat de verleidelijke werking van de streamer vrolijk door.

Uiteraard wordt de kans op mini baars en ruisvoorn een stuk kleiner wanneer de mini spinner plaats maakt voor een klein streamertje. Geen nood, er bestaan ook ultra lichte lepeltjes. En baarzen van alle afmetingen kun je uitstekend tussen en onder de waterplanten vandaan lokken met een traag gevist lepeltje. Een goed polderlepeltje kan zelfs tergend traag naar binnen gevist worden zonder stil te vallen en te veranderen in een dood stuk metaal.

Wel wil ik benadrukken dat op spinnergebied de tijd niet ook heeft stilgestaan. De kleinste ultra lichte spinnertjes (bladmaat tot zelfs 10 mm!) draaien afgebouwd op roestvast en flinterdun draad mooier rond dan ooit te voren. En ook de haakjes waarmee deze geleverd worden zijn stukken dunner en scherper dan jaren geleden.

Naast de streamer en de ultra lichte polderlepel kan ook een klein drijvend plugje uitstekend gevist worden aan de ultra lichte spinhengel. Uiteraard een ultra lichte spinhengel van grafiet, want de meeste glasvezel varianten zijn te traag om goed en met succes met kleine plugjes te vissen. In de wat oudere literatuur waar John en ik mee opgroeiden wordt dat ook keer op keer herhaald. Een bekend Fins plugje gemaakt van balsahout werd in onze jeugd ook als ongeschikt voor de polder beschreven. Juist met dat plugje heeft vismaat John in de Hollandse polders flink wat snoeken en baarzen gevangen. Uiteraard heeft hij deze plugjes vandaag ook bij zich, maar dan wel voorzien van twee enkele Gamakatsu haken i.p.v. dreggen.

Twee liefhebbers van de ultra lichte spinhengel, maar zeker geen puristen gaan vandaag samen de polder in. Beiden met moderne ultra lichte spinhengels, ditto werpmolens die volgespoeld zijn met NanoFil. Onze kunstaasboxen zijn gevuld met streamertjes, Finse plugjes en Pelikaan lepeltjes. Daarnaast heeft John een voor mij nieuw lepeltje meegenomen om uit te proberen aan The Artist. John heeft zelf al met succes dat lepeltje bij hem in de polder gevist. Ik ben benieuwd!




Dat het de eerste uren in de ochtend droog blijft is mooi meegenomen. De eerste polder die we aandoen is die waar vroeger de koeien van mijn opa liepen. Na er woensdagavond samen met Robin drie snoekjes te hebben gevangen zijn mijn verwachtingen voor vanmorgen groot. Op ons gemak vissen we het water eerst links en daarna op de terugweg rechts uit. John met de plug en ik met de Pelikaan lepel.




We zien enorm veel vis rondzwemmen, vooral karper en brasem, maar de rovers zijn een stuk minder actief vandaag. Een snoek mist de plug van John, en een kleiner exemplaar gaat vol voor mijn lepeltje.




De tweede polder die we aandoen is een echte veenpolder. Het water is er kraakhelder, maar lijkt door de donkere bodem pikzwart. Prachtige bijna donkerbruin gekleurde snoeken kun je er vangen. Helaas draait het gemaal waarop de ringvaart aansluit die wij willen gaan uitvissen op volle kracht. De zon van vanmorgen is ook verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor donkere wolken. We krijgen dan ook een flink pak regen over ons heen. Maar na regen komt zonneschijn en de rest van de middag houden we het droog.

Het stromende water maakt het vissen hier tot een extra uitdaging. Behalve al het regenwater wat de afgelopen 24 uur is gevallen stroomt er ook een hoop kleine losse organische rommel door de ringvaart richting het gemaal. Echt balen, want in het verleden was het zinloos om hier onder deze omstandigheden te vissen. De snoeken lagen dan meestal vast als een huis en de spinner draaiend houden was door de ronddrijvende rommel onmogelijk. Met de plug kon je het dan al helemaal vergeten.

De streamer en de lepel blijven dus over. Beiden kiezen we voor de streamer, want juist met de Pelikaan lepeltjes heb ik minder positieve ervaringen gehad in stromend water. Met mijn kleine streamertje door het stromende  en daardoor helaas gekleurde water vissen gaat eigenlijk best goed. Af en toe een paar harde tikken geven en de haak is weer vrij van rommel.




John vist op zijn vijfgrammer met een veel grotere streamer en dat gaat zelfs perfect. Dat de snoek niet vast ligt vandaag blijkt snel! De grote streamer van John wordt zeker 8 keer gemist of niet goed gegrepen door verschillende snoekjes. Hele kleine snoekjes, die zich richten op de streamer maar door het stromende water missen. Zelf heb ik er dan 2 mijn kleine streamertje zien missen. De laatste schoot daarbij als een klein bruin forelletje boven het wateroppervlak uit. De dikke en grotere streamer van John weegt volgezogen met water meer dan mijn kleine streamertje en kan daardoor beter in een lijn naar binnen gevist worden door het roerige water.






Hoe verder we bij het gemaal vandaan vissen hoe beter er gevist kan worden. Weer een aanbeet voor John en deze keer is het wel raak. Helemaal gaaf, het is deze keer ook geen mini snoekje die op de door hem zelf gebouwde streamer is gedoken. En zo kan John dan toch een bruin gekleurde veenpolder snoek bewonderen waarover ik hem verteld had.

Daarna  is het nog twee keer raak bij mijn vismaat, maar deze snoekjes zijn echt een maatje te klein voor de streamer en worden dan ook niet gehaakt. Daarom knoopt John een VGS SddP streamer aan zijn staaldraadje, maar dan met een dubbele zonkerstaart. Ook dit streamertje kan uitstekend op de vijfgrammer gevist worden, maar is voor mijn driegrammertje net iets te veel van het goede. Bij het neerkomen op het water doet de dubbele zonkerstaart vooral aan een kikker denken. In dit geval een roze/witte kikker. ;-)






Een gretig snoekje heeft waarschijnlijk kikkerbilletjes op zijn menu staan vandaag, en deze keer blijft het mini rovertje wel hangen. Pas nu zien we goed hoe klein deze kamikazerovertjes zijn die ondertussen zeker 15 keer een poging hebben gedaan om onze streamers te grazen te nemen.




Nog geen twintig meter verder is het weer raak bij John en dit snoekje is iets groter dan de vorige. Wat we nu wel weten is dat hier nog steeds net als in mijn jeugd een enorm goede snoekstand is.

De streamer heeft mij hier tot nu toe op een paar missers na niets gebracht. Ik besluit daarom tegen beter weten in de Pelikaan lepel toch een kans te geven. Door het lepeltje heel traag tegen de stroom in naar binnen te vissen blijkt dat het tollen waar ik bang voor was bijna nihil te zijn. De Nanofil blijft vrij van kinken en lussen. Ik durf het lepeltje daarom later zelfs twitchend tegen de stroming in naar binnen te vissen. Met de korte en razendsnelle The Artist is het ook nu weer prettig vissen. John mag het hengeltje samen met de lepel ook even proberen en bevestigt dat.




In dat uur met de lepel gebeurde wel nog iets anders. Binnen tien worpen met het dunne en blinkende metaal is het deze keer bij mij raak. John kan meteen zien hoe mooi mijn hengeltje buigt, want het is een flinke snoek die voor flink wat vuurwerk zorgt aan de driegrammer. Yes!

Daarna vang ik nog een mini snoekje, wat voorzichtig door John in het water onthaakt wordt. De dag is ondertussen al flink gevorderd en met vier snoekjes en twee snoeken zijn we stiekem meer dan tevreden. John heeft een voor mij nieuw lepeltje meegenomen, schreef ik aan het begin van dit verslag. Op een kleine twintig minuten rijden met de auto weet ik een kraakheldere sloot van zeker vijfhonderd meter lang en gemiddeld ruim een meter diep.

Daar vang ik meestal goed baars, een ideale sloot om het lepeltje te testen. Het lepeltje is dikker dan de Pelikaan lepels en dus eigenlijk bedoeld voor iets dieper water. Vis je het iets sneller naar binnen, dan blijkt het zelfs goed net onder de oppervlakte naar binnen gevist te kunnen worden.




Maar goed ik begin in de diepere sloot voor de zekerheid toch met de Pelikaan lepel. Dat lepeltje vist gewoon uitstekend en is voor mij ondertussen een meer dan geschikte opvolger voor de PaKo PS geworden. Ik vind de Pelikaan lepel beter! Het vertrouwen wordt beloond want ook hier levert het lepeltje mij een snoek op. De laatste van vandaag.








De baars ontbrak nog aan deze dag, maar ook dat komt goed. Eerst op de Pelikaan lepel, maar daarna vangen we ze samen op de nieuwe lepeltjes van John. Inderdaad, John had gelijk, de 55 mm lange en 3 gram wegende Ilure spoon is een topper.

Een dag struinen door de polder wordt hier thuis aan de tafel afgesloten met een bord soep en koffie.

Groeten,
Peter


12 jul 2012

Polder, lekker...




Woensdag 11 juli. De polder in, en de wind door je haar. Heerlijk een avond struinen door de open polder waar de wind vrij spel heeft. Als klein jongetje kwam ik regelmatig in deze polder, het land was toen van mijn opa. Vanavond ben ik er weer, niet alleen maar samen met mijn zoon. De wind heeft geen vat meer op mijn steeds dunner wordende haar, maar bij Robin worden de lokken alle kanten op geblazen.






Struinen door de polder op voor mij bekend terrein, maar voor Robin wacht achter ieder hek dat wij moeten nemen iets nieuws. Wat is er mooier voor een vader dan zijn eigen zoon het pad te zien bewandelen dat ik zelf zo vaak in mijn jeugd bewandeld heb.

Ik ben benieuwd hoe het recept The Artist,  Ultegra Advance 1000S, Nanofil 0,06 mm en de Pelikaan lepel zich houdt in de winderige polder. Net zoals de PaKo PS laat de vijf grams Pelikaan lepel zich uitstekend werpen, met wind mee, maar ook wind tegen. Dat de NanoFil zich ook prima houdt tijdens de bij vlagen harde wind wist ik al. Geen last van windknopen of blijven hangen achter uitsteeksels op de werpmolen.






We vissen de polder heen langs de linkerkant, en terug via een oud bijna verzonken bruggetje langs de rechterkant. De heenweg levert slechts een aanbeet op. Een duidelijke misser, want het staaldraadje heeft voor de lepel een flinke knauw gekregen.










Terug is een ander verhaal... De eerste snoek meldt zich al snel. Deze rover lag bijna in de kant te wachten op een prooi, in dit geval mijn Pelikaan lepeltje.






Daarna blijft het een tijdje rustig, maar als de zon begint te zakken meldt snoekje nummer twee zich. Zelf ben ik altijd blij als zich ook een kleiner exemplaar aandient, dat wordt straks de snoek voor de toekomst.




De tijd vliegt voorbij als je lekker bezig bent in niemandsland. En op zo'n avond als deze wordt het voor je gevoel altijd te vroeg donker. Donker of niet, snoek nummer drie van vanavond neemt toch mijn lepeltje te grazen!

Groeten,
Peter


6 jul 2012

Mini no knot clip




Vrijdag 6 juli. Als het niet te koop is, dan maak je het toch zelf, is het motto van John van Gameren. En dankzij mijn handige vismaat is daarmee de zoektocht naar mini no knot clips beëindigd. Vanmorgen lagen ze op de mat, en vanavond ga ik ze uitproberen.

The Artist, Shimano Ultegra Advance 1000S met daarop 0,06 mm Nanofil, Pelikaan vijf grams lepels en uiteraard Robin gaan mee. Vissen gaan we in een voor mij nieuw slootje dat in de buurt ligt van de school van onze zoon Frank. Het slootje ziet er goed uit, en schreeuwt erom om eens goed met kunstaas te worden uitgevist. Vis zwemt er want al snel vang ik een paar baarsjes op de lepel.






Een flinke kolk in het water, gevolgd door een keiharde beuk op The Artist bevestigen dat er ook snoek in het slootje zit. Maar een snoek van 73 cm had ik hier niet verwacht.

Groeten,
Peter


3 jul 2012

44




Met zo'n taart kan mijn dag niet meer stuk...

Erg leuk Francine!


2 jul 2012

No knot clip




Maandag 2 juli. Na de positieve ervaring van vismaat John met Nanofil en de no knot clip, ga ik deze clip vanavond zelf testen. Gisteren heeft John mij uitgelegd hoe de no knot clip te monteren, en inderdaad, het is een fluitje van een cent.

The Artist, Shimano Rarenium 1000FA gevuld met 0,06 mm Nanofil, twee staaldraadjes en Pelikaan lepeltjes en uiteraard de no knot clip meer neem ik niet mee vanavond. Vergeet ik bijna zoon Robin te vermelden, want die ging gezellig mee met mij op pad.










Wat John al vertelde klopt, de no knot clip is een uitkomst. Zeker in de winter, dat scheelt een hoop gepriegel! De Pelikaan lepel stelt mij ook deze keer niet teleur. Flink wat baarsjes gingen ervoor. Soms zelfs maar iets groter dan het lepeltje zelf. Twee snoekjes zorgden ervoor dat ik de no knot clip goed kon testen.

Robin bedankt voor de foto's!

Groeten,
Peter


1 jul 2012

Fint


Van vismaat en vriend John van Gameren ontving ik gisteravond het onderstaande bericht.


Op fint met de Fair Play tiengrammer, 0,08 mm Nanofil en een 10 grams Toby lepeltje


Hallo Peter, de Nanofil is getest op de waterweg. Wat een super lijn. Geen gekink daar waar vismaat Ruud zijn spoel kon leeg knippen van de pruiken kon ik zonder probleem vissen. Ook het werpen vele meters verder en dan echt heel veel meters verder. Een worp met een 10 grams toby en ik zag bijna de opvulling van de spoel kan je nagaan hoe ver dit gooit. Veel aanbeten gehad. Ik had er zelf een die voelde ik als een baars op misschien wel vijftig meter afstand meerdere malen bijten voor dat hij hing. Echt super. Ruud stopt ook met nylon in de waterweg. Hij heeft wel metalen links gemaakt voor dyneema die bestaan al maar zelf maken kan ook. Niets geen knopen meer een geweldige oplossing en maakt nano gelijk super want er is geen knoop meer om een wartel te verbinden dus de zwakste schakel de knoop is niet meer nodig. Ik heb dit vandaag kunnen testen en het werkt super.. Word super, ook te gebruiken bij het vissen met kunstaas. Ik heb er een mee die kan ik nafabrieken echt bizar geen gekloot meer met knopen. Peter de volgende keer ga jij mee genieten van deze super sportvis. 


MVG John.