28 jan. 2007

Karpervissen in de winter is afzien

Zondag 28 januari. Ik word gek van die wind, het houdt maar niet op. Struinen door de polder met de spinhengel zie ik niet zitten vandaag. Niet alleen door de wind, maar ook mijn schouder wil ik rust gunnen. Gisterochtend op weg naar mijn werk ben ik onderuit gegaan met de fiets met een pijnlijke schouder als gevolg. Een goede reden voor mezelf om vandaag op karper te gaan vissen. Na vorige week heb ik de smaak weer goed te pakken. Vissen met de hengel op de steunen, maar dan wel met het pennetje. Niet struinend , maar statisch vissend tegen een brugpeiler geef ik mezelf de meeste kans op karper vandaag. Hopelijk ligt er een dikke volgevreten karper te wachten op een lekkere en makkelijke snack onder de brug.

Bij de brug aangekomen strooi ik wat mais vanaf de brug tegen de peiler. Een kleine compacte voerplek waar ik straks mijn met mais beaasde haak op zal laten zakken. Maar nu eerst de hengel optuigen. Vandaag voor de verandering een bruin/creme ABU Cardinal 44 X, de snellere uitvoering van de groen/creme Cardinal 44.; zeg maar de Shimano Stradic van de jaren 70 van de vorige eeuw. De lijn wordt door de ogen gehaald van de glashengel, en daarna door het oogje van de Sensor pen . Een pen die veel lood vraagt, en dus weinig gevoelig is voor wind en stroming. Haakje monteren, uitloden, twee maiskorrels op de haak, inleggen en de hengel op de steunen.

Nu kan ik me op gaan maken voor een paar uur koukleumen. Stil zitten met dit weer is niet echt lekker. Het waait en het regent, en het blijft lang stil. Tik, tik, tik, de pen verdwijnt, en juist als mijn hand de kurkengreep omvat komt de pen weer terug. 'Sh*t, te lang gewacht', gaat er door me heen. Met de hengel in je hand reageer je gewoon net iets sneller. Na een minuut of vijf besluit ik de boel te controleren en de maiskorrels te vervangen. De pen staat nu bijna tegen de peiler, nog net met het puntje boven water. In elkaar gedoken kruip ik achter de hengel, hopend op een herkansing. En die komt er gelukkig. Het gele puntje wordt langer en langer, een opsteker. Daarna zakt het pennetje langzaam en verdwijnt richting de brug, en in een reflex zwiep ik de hengel uit de steunen. Hangen! Wat is er mooier dan vast te zitten aan een karper midden in de winter.

De karper weet ik tussen de peilers uit te sturen met behulp van de lange hengel, en dan kan het genieten echt beginnen. Hier doe je het voor. Heerlijk. De kou, de wind en de nattigheid, ik voel ze niet meer. Als niet veel later een slanke schubkarper voor me in het net op het gras ligt, kan ik m'n geluk niet op. Even een paar foto's van de karper in het net, en dan gaat de vis snel weer terug het koude water in.


Ik ben koud, nat en mijn schouder voelt stijf, maar wat ben ik blij dat ik vandaag de waterkant heb opgezocht. Karpervissen in de winter is afzien.....maar de vangst van een karper maakt dat meer dan goed.


Groeten,
Peter

21 jan. 2007

De karper blijft in mijn gedachten

21 Januari 2007. De laatste dagen ben ik met mijn hoofd bij het vissen op karper geweest. Misschien komt het door de aanhoudende zachte winter, maar de karper blijft in mijn gedachten. Gisteravond heb ik de knoop door gehakt, ik ga vandaag op karper vissen. De kans om een wilde karper in de polder te vangen schat ik heel klein, en zonder een aantal dagen voeren aan een kanaal gaan zitten zie ik ook niet zitten. De keuze valt daarom op een sierwater, omringd met bomen met daar achter een dijk waaronder een weg loopt. Een mooie omgeving, waar ik behoorlijk beschut zit tegen de wind. Langs de oever staan paaltjes, die ooit deel van een beschoeiing zijn geweest, en een duiker en bruggetjes zijn ook aanwezig. Ideaal water om af te struinen met de penhengel, en dat ga ik ook doen vandaag.

Met een paar handjes mais zijn al snel een aantal stekjes gemaakt, die ik een voor een ga af vissen. Gewoon op zoek naar de karper, en zo blijf je ook in beweging. Is er karper aanwezig, dan blijft een aanbeet meestal niet lang uit. Zo niet, dan is het zoeken geblazen.

De bomen vertonen de tekenen van het op komst zijnde voorjaar. Aan de takken groeien al nieuwe zaden, naast die van vorig jaar. De stekjes bij de paaltjes blijven zonder teken van vis. Ook bij de duiker, meestal een winter-hotspot, blijft het stil. Bij het bruggetje een stuk verderop krijg ik wel vrij snel leven.
Het pennetje komt iets omhoog, en verplaatst zich langzaam. De adrenaline giert, en ik moet rustig blijven. Als ik aantik, is er van weerstand bijna geen sprake. Het blijkt een grote ruisvoorn te zijn. De tweede aanbeet verloopt hetzelfde, en resulteert in nog een ruisvoorn. Dan blijft het een tijdje stil, en zijn de voorns waarschijnlijk doorgezwommen.
Dan weer leven, maar nu anders. De pen loopt langzaam weg, en de lijn loopt strak richting de top. Nu voel ik wel weerstand als ik aantik, en aan de andere kant van de lijn wordt iets wakker. Na een korte en heftige dril, glijdt een schubkarpertje in het net.


Mijn eerste karper van 2007. Snel even een foto met de zelfontspanner, en zwemmen maar weer. De stek is verstoort, maar ik besluit bij de brug te blijven vissen. Gewoon even lekker nagenieten, en intussen denkend aan het komende voorjaar en de zomer. De wind zwakt af en het zonnetje wint aan kracht zo aan het eind van de middag. Een beetje in gedachten verzonken, wordt ik weer snel bij mijn positieven gebracht als het pennetje verdwijnt. Niet veel later ligt er een klein karpertje, ook wel knolletje genoemd in het net. De afsluiter van een heerlijk dagje karpervissen. En nu ga ik voorlopig weer achter de rovers aan.

Groeten,
Peter