Posts tonen met het label Klassiek karpervissen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Klassiek karpervissen. Alle posts tonen

10 jun 2020

Brasem-invasie

Zondag 27 mei. Vanavond zou ik een topavond hebben beleefd, als ik brasemvisser zou zijn geweest. Op de voerplekjes die ik gemaakt heb, leek soms of het water kookte. Enorme bellenplakkaten dreven aan de oppervlakte op de plekken waar de maiskorrels op de bodem lagen. Een brasem-invasie. Dit jaar heb ik tot nu toe niet veel "last" van de grote platten gehad, maar vanavond heb ik een inhaalslag gemaakt. Groot en dik waren ze, en mooi brons van kleur. Vissen van rond de halve meter met uitschieters naar boven hielden me flink bezig.


De eerste vis van vanavond was wél een karper. Een wilde karper van 66 cm, die de glasvezel penhengel diep liet buigen, en meters nylon door de slip van de ABU 44 trok. Na het karpergeweld, werd het een avond vol brasemgeweld. Geweld niet qua kracht en uithoudingsvermogen, maar de bodem werd met geweld voor mijn neus omgewroet tot de laatste maiskorrel gevonden was. De aanbeten volgden elkaar in een rap tempo op. Om eerlijk te zijn, ik heb genoten.
Groeten,
Peter

10 sep 2019

Stormvlagen en hagelbuien in de polder

Zondag 18 maart. De hele week kijk ik al uit om samen met Jan-Willem op karper te gaan vissen. Het weer dat zo mooi is geweest de afgelopen dagen lijkt echter nu roet in het eten te gaan gooien. Als we zaterdagavond via de telefoon contact hebben, zijn we het in eerste instantie met elkaar eens dat vissen een kansloze onderneming wordt vandaag. We spreken af om in de ochtend nog even te bellen, en niet op voorhand de handdoek in de ring werpen. Deze ochtend begint voor mij trouwens al heel vroeg, om 4.00 uur zit ik voor de buis naar Formule 1 te kijken. Als Jan Willem mij rond een uur of 8.00 belt ziet het er buiten niet goed uit. De wind is aangetrokken tot bijna stormkracht en het regent. Dan maar kijken hoe het weer is vanmiddag... we houden contact besluiten we. Om 10.30 uur komt er een kleine verbetering in het weer, en ook de vooruitzichten zijn iets gunstiger gestemd. Ik spreek op het antwoordapparaat van Jan Willem in dat ik er klaar voor ben. Niet veel later gaat de telefoon en we spreken af om elkaar om 13.30 uur bij een brandweer kazerne te ontmoeten.

Daar aangekomen lijkt het nog steeds een nutteloze operatie te gaan worden vandaag. De wind teistert de slootjes rond de brandweer kazerne. Uitwijken naar een beschut cultuurwatertje? Of toch naar de polder, en maar zien hoe het loopt?
Het wordt de polder, en daar aangekomen ziet het er een stuk vriendelijker uit. De wind staat dwars op de sloot waarin wij willen gaan vissen. Dat er aan de overkant van de sloot een paar huizen staan betekent dat er bruggetjes over het water lopen.



Die bruggetjes zien er ook nog eens uitdagend uit om te bevissen, en eromheen is het zelfs aangenaam. De bruggetjes fungeren als een soort van windbrekers.



Door de bruggetjes doet deze polder een beetje denken aan de polder in West-Friesland waar ik samen met Frits en Paul mooie roofvismomenten heb beleefd in de afgelopen herfst en winter.
Aangemoedigd door het mooiere weer heeft de karper de afgelopen week de slootjes opgezocht. Op sommige plekken verraden bellensporen en wervelingen in het water hun aanwezigheid. Maar nog mooier, Jan Willem heeft hier gisteren drie karpers gevangen!
Dan trekt de wind even krachtig aan. en gaat het ook nog eens hagelen. Zelfs zo hard dat we moeten schuilen onder de geopende achterklep van mijn auto die met zijn neus recht in de wind staat. Achter de grijze lucht zien we heldere blauw witte luchten aan komen drijven.
Gelukkig zijn we niet gestopt, want inderdaad knapt het op. Achteraf gezien zijn we gewoon iets te vroeg gaan vissen. Jan Willem haakt in het nu aangenamere weer een mooie karper, maar helaas schiet deze los. Je kunt ze niet allemaal vangen, maar op zo'n dag als deze is het lossen van een vis extra teleurstellend.



De teleurstelling is van korte duur, want op dezelfde plek als waar de eerste karper loste is het weer raak. En Jan Willem is weer de gelukkige!



Als de karper de eerste keer zijn flanken toont, blijkt het ook nog eens een spiegel te zijn. Tja, dan kan zo'n dag niet meer stuk. En als ik Jan Willem met zijn beauty op de foto zet, komt de bewoner van een van de huizen aan de overkant een kijkje nemen. Zo'n mooie vis en dat in "zijn" sloot!
Na een praatje mogen we in het water dat naast en achter zijn loopt huis vissen. Behalve nog meer luwte, blijkt het een prachtig stuk water maar wel met begroeiing langs de oever. Tussen de takken van de struiken prikken we heen met onze 400 cm lange karperstokken. In de drassige polders met hun zachte kanten is deze lengte een uitkomst, maar nu niet.




Hoe dan ook, tussen het struikgewas en naast een in het water omgevallen boom haakt Jan Willem een karper. Een beste karper, die zijn materiaal behoorlijk op de proef stelt. De karper mag geen meter lijn nemen, en die krijgt hij dan ook niet. Een echte dril met de slip dicht dus. Na een beetje geharrewar tussen de struiken lukt het me om de karper te scheppen. Dan blijkt dat deze karper behalve fors ook nog eens aan de zware kant is.
Een schubkarper van 75 cm, gevangen tussen de hagelbuien en rukwinden door en dan ook nog eens in maart in de polder, een hele prestatie!
Zelf heb ik dan nog geen aanbeet gehad, en die zou er ook niet komen vandaag. Als Jan Willem om 18.30 uur naar huis gaat, blijf ik nog een half uurtje zitten maar zonder resultaat. Het was een geweldige visdag vandaag, en ik ben blij dat ik niet thuis bij de verwarming ben blijven zitten.

Groeten,
Peter

23 mei 2019

Boerenkarper

Zondag 6 mei. Vanmorgen loopt de wekker om 4.30 af, en voor de zekerheid heb ik aan Jan-Willem gevraagd om mij te bellen als hij van huis gaat. Om 5.00 uur ontmoeten Jan-Willem en ik elkaar op een parkeerplaats om vanaf daar samen naar Anna Paulowna te rijden om op boerenkarper te vissen. Om 6.03 uur komen we daar aan. Frits staat al op ons te wachten.

Visserijonderzoekers van de Wageningse universiteit hebben een aantal jaren geleden in samenwerking met de OVB vastgesteld dat in de polders rond Anna Paulowna nog boerenkarpers zwemmen. Wat me van de bezoekjes aan deze polder van vorig jaar bijgebleven is, is de kracht van deze karpers. Zijn de wilde karpers die in de Zaanstreek/Waterland rondzwemmen al geen "lieverdjes", de karpers in de Anna Paulowna-polder gooien daar nog een schepje boven op.

Het is sowieso leuk om weer eens in de polders bij Frits te vissen. De laatste keer was afgelopen Januari , en dat was op snoek. Een prachtige polder, en ook nog eens samen met twee goede vismaten, dat belooft wat voor vandaag.

Tijdens onze wandeling dieper de polder in, zien we ze al. Nou ja, modderwolken en v-vormige golven verraden de weg vluchtende boerenkarpers. Man, wat zijn die beesten schuw - bij de kleinste beweging gaan ze ervandoor. Daarom gaan Frits en ik vissen met 1.25 Lbs medium tapered penhengels (CJW & Hardy), en Jan-Willem met een 1.75 Lbs (Temming Traditional) medium/slow tapered penhengel. Onder een zachte en vaak trage slow tapered penhengel gedraagt de karper zich in de regel rustiger dan onder een medium tapered penhengel. Een boerenkarper wil slechts een ding nadat hij in aanraking met de haak is gekomen, en dat is vluchten. En dan heb je met een slow taper vrijwel niets in te brengen, zeker als deze langer is dan 12 ft en een lichte testcurve heeft. Je mist de ruggegraat, ook wel reserve genoemd, die een goede medium/slow of een medium tapered penhengel bezit.

Deze polder en de hier aanwezige karpers doen sterk denken aan de polders bij mij in de buurt. De polders waarin ik het vissen geleerd heb, en mijn eerste karpers gevangen heb. Alleen moet je hier nog voorzichtiger de karpers benaderen. Op een kleine vijftig meter uit elkaar maken we onze voerplekjes en niet veel later zitten we te vissen. Zitten op je kont of liggen op je buik om jezelf zo onopvallend mogelijk te houden. Als ik vanmorgen de eerste torpedo van vandaag sta te drillen, komen Jan-Willem en Frits naast me staan om mee te genieten. Daarna bewonderen we gedrieën de krachtpatser op de kant in het net.

Dat deze polder me goed ligt blijkt al snel, want ook de tweede karper van vandaag wordt onder een Hardy gedrild.

Dan is Jan-Willem aan de beurt en ook zijn hengel buigt tot in het kurk. Als je de foto (boven) bekijkt dan kun je maar moeilijk bevatten dat het karpertje op de foto hieronder daarvoor verantwoordelijk is!

Een karper(tje) van nog geen 50 cm die een 1.75 Lbs hengel krom zwemt tot in de kurken, en een paar meter nylon door de slip trekt, dat is toch ongekend?

Na twee karpers houd ik het op mijn eerste voerplekje voor gezien, en besluit het een stuk verderop te proberen. Op een afstand van een meter of tien verplaats ik me voorzichtig langs het water. In een open stuk tussen twee rietkraagjes in spot ik een grote karper. Nog voorzichtiger dan net sluip ik naar de oever. Een paar korrels mais strooi ik een voor een op een meter of drie van de karper in het water. Hopelijk zwemt hij straks deze kant op. Het is mijn bedoeling om de haak met maiskorrels straks voorzichtig te laten zakken op de plek waar ik heb gevoerd.

Op het moment dat ik mijn haakaas laat zakken naar de bodem verbaast het me dat het op deze plek zo ondiep is. De dobber ligt plat op het water. De reden daarvan blijkt niet de bodem, maar de karper die ik zo juist zag. Want als ik mijn tuig uit het water wil halen, blijkt dat ik de maiskorrels voor de bek van de karper heb laten zakken. En die karper is het daar niet mee eens en meters lijn worden door de slip van de werpmolen getrokken.

Tijdens de dril maakt Frits de foto hierboven. Een foto waar ik heel blij mee ben, en die behalve het moment ook de buiging van de hengel laat zien. Als je de foto aanklikt dan kun je het nog beter zien. Ook een goede medium tapered penhengel buigt over de gehele lengte van de hengel tot in de greep. Absoluut geen topaktie of een buiging tot net na de sluiting, zoals je soms leest in boeken en op forums.

Eenmaal op de kant heb ik bij deze karper toch wel mijn twijfels. De bouw en buikomvang doet een schubkarper vermoeden en de lengte van 70 cm ook! De buikomvang is kuit en dus te verklaren. Hoe het ook zij, ik ben heeeel blij met deze karper en voor de foto fatsoeneer ik mij enigzins door mijn ondertussen smerige en stinkende jas even uit te doen.

Gelukkig is het hierna de beurt aan Frits (die zich ondertussen alweer door een aantal brasems heen heeft geworsteld) om met een karper op de foto te gaan. We hebben op dat moment alledrie karper gevangen vandaag.
In mijn eentje struin ik een stuk dieper de polder in op zoek naar karper. Helaas is de wind zoals voorspelt behoorlijk in kracht toegenomen. De wind komt van de overkant en achterin vind ik stuk waar bomen zijn gepland. Daar vang ik mijn vierde en laatste karper van vandaag. Omdat hier weinig wind staat en ik in het midden karpers onder het wateroppervlak heb zien "hangen", kan ik het niet laten om een poging met de korst te wagen. Het lukt wel om de interesse van de karpers te wekken voor de gestooide korsten, maar de korst aan mijn haak wordt niet genomen.

De laatste anderhalf uur van vandaag vissen we gedrieën op het beschutte gedeelte. Op een plek langs de oever waar ik eerder korsten heb gestrooid haakt Jan-Willem twee karpers op de bodem met mais. De eerste weet helaas de bomen aan de overkant te bereiken, met lijnbreuk tot gevolg. De tweede weet hij wel uit de takken te houden, en mag samen met zijn vanger (met big smile) op de foto.

Frits doet de laatste anderhalf uur ook goede zaken. Bij een bruggetje een stukje verderop moet hij alle zeilen bijzetten om deze karper te landen. Het laatste deel van de dril geniet ik mee naast hem op de brug, om vervolgens de karper met het net voor hem te landen.

De laatste karper van deze zeer geslaagde visdag met een gezamelijke vangst van negen karpers is ook voor Frits. Een echte oud-strijder, ik bedoel natuurlijk de karper :-), met een afgesleten rugvin en een gehavende staart. Om 16.00 uur zitten Jan-Willem en ik weer in de auto, maar nu richting huis. Tijdens de terugreis, die een uur duurt, praten we honderduit over polders, hengels en karpers, maar vooral over boerenkarpers. Mannen, het was fantastisch om samen met jullie door de polder te struinen!

Groeten,
Peter

13 jul 2018

Penvissen, je bent nooit uitgeleerd!

Zondag 27 april. Vanmorgen sta ik om 5.30 uur naast ons bed. Geen problemen met wakker worden deze keer, ik heb vannacht amper een oog dicht gedaan. De hele week heb ik uitgekeken naar deze visdag en nu is het eindelijk zover. Vissen in de polder samen met Jan-Willem en Kees. Van Jan-Willem heb ik veel goeds gehoord over Kees en vandaag ga ik voor de eerste keer met hem vissen. Als ik om even voor 6.00 uur met de auto in de polder arriveer is Kees eral. Een echte vroege vogel. Met een hengel vist hij met de pen, en de tweede ligt op de steunen met een waker. Jan-Willem is er nog niet, maar me netjes voorstellen aan Kees lukt niet. Op het moment dat ik zijn richting op loop, knalt de waker tegen zijn hengel. In plaats van een hand te geven, sta ik met zijn landingsnet in mijn handen. Jan-Willem is nog net op tijd om de karper het landingsnet in te zien gaan. De eerste karper is binnen, en de hengels van Jan-Willem en mij zitten nog in de foudraaltjes.

De polder om 6.00 uur, de dag moet nog beginnen, maar de eerste karper is al binnen.

Het zal een leerzame dag worden voor wat betreft aasaanbieding, aas en wakersystemen. Met Kees en Jan-Willem heb ik afgesproken hier niet te diep op in te gaan, maar ik zal hier en daar een tipje van de sluier oplichten.

Kees en Jan-Willem vissen beiden met een hair. Het door hun gebruikte aas wordt onder de haak op de hair aangeboden. Ik begin te vissen met een 'gewone' haak en als aas zachte mais.

Met de waker vissen onder de overkant werkt, want even lijkt het dat de tweede karper van vandaag ook voor Kees is. Een haperend mechaniek in zijn werpmolen zorgt ervoor dat de karper de kans krijgt om de haak te lossen.

Dat er wel degelijk ook karper onder onze kant zit blijkt als ik Jan-Willem hoor schreeuwen. Hij heeft er eentje, en zo te horen een beste. Behalve Jan-Willem krijst ook de slip van zijn ABU Cardinal 44 het uit. Die ABU hangt vandaag voor de eerste keer onder zijn T.T. Specimen, en kan meteen goed getest worden ;-)
De eerste 70 cm plus karper van vandaag is een feit!

Het aas wat J-W en Kees gebruiken is op basis van natuurlijk voedsel. Zachte mais vangt bijna altijd, en daarom blijf ik nog even met de gele korrels door vissen. Hier en daar zie ik karpers zwemmen en ook azen, maar mijn gele korrels worden slecht besnuffeld. Wormen heb ik niet bij me, en deze mag je overigens tot 1 juni ook niet gebruiken als aas.


Als ik een kleine naaktslak over mijn vistas zie kruipen gaat er een lampje branden. Het slakje gaat aan de haak, samen met een maiskorrel, en wordt gepresenteerd op de plek waar ik zojuist een karper zag azen. De cocktail slak/maiskorrel wordt ondekt en het blijft niet bij snuffelen. En zo hebben we alledrie een karper gevangen.


Kees, een rustige en bescheiden man, een karpervisser van het eerste uur.

Het lijkt er sterk op dat aas dat van nature voorkomt in en rond het water vandaag voor ligt op mais. Kees maakt dat nog even duidelijk en vangt (deze keer aan zijn penhengel), de tweede 70 cm plusser en de vierde karper van vandaag.

De vijfde deze morgen, is op 'afstand' gevangen door Jan-Willem met de pen en aas met een natuurlijke basis.

Jan-Willem is ondertussen (net zoals als Kees met zijn wakerhengel doet) met de pen onder de overkant gaan vissen. Dat gaat als volgt; de pen wordt 30 cm hoger afgesteld dan de waterdiepte te plaatse, en als de pen onder de overkant ligt, wordt de nylonlijn met behulp van de top van de hengel onder water strak gedraaid. De pen gaat netjes 'staan' en doet waarvoor hij gemaakt is, zij het op afstand. Het blijkt een schot in de roos.


Als de volgende vis weer onder de overkant vandaan komt op het aan de hair aangeboden aas ben ook ik om. Een handje aas wordt gebietst en een haak met hair gemonteerd. Jammer genoeg moet Kees om 11.00 uur stoppen met vissen. Er zijn dan al zes mooie karpers door ons gezamelijk gevangen, maar er zat nog meer in het verschiet. Kees ,het was leuk je te onmoeten, en jou aan het vissen te zien!



Ook ik vis nu met de pen onder de overkant, met het door Jan-Willem en Kees gebruikte aas. Na een keer mis te hebben geslagen krijg ik gelukkig een herkansing. Een beresterke karper, type torpedo maar dan ook nog eens van een flink formaat, probeert onder de overkant alle obstakels uit om zijn vrijheid vervroegd te herwinnen. Die kleine torpedogevormde wilde karpertjes kunnen er al wat van, maar deze doet echt aan een onderzeeër denken. De zevende, en de derde en laatste 70 cm plus karper van vandaag mag samen met mij op de foto.


De zon is ondertussen ons gezelschap komen houden, en we genieten lekker samen na van deze meer dan geslaagde ochtend die veel te vlug stiekem overgaat in de middag. Het eerste uurtje van de middag heeft nog twee verrassingen voor ons in petto. Mijn derde karper van vandaag, en onze gezamenlijke achtste.

Jan-Willem zit dan al een tijdje achter een karper aan die onder onze eigen kant aan het azen is. Na een foto van mij en de karper te hebben genomen gaat hij verder met zijn poging om deze karper te verleiden zijn aas te verorberen.


Vandaag zit het ons mee, en lijkt alles gewoon te lukken. Ook deze karper komt tijdelijk de wereld boven water bewonderen. Wat een dag zo aan het eind van april. Het is 13.00 uur geweest, en de dag die een beetje kil begon is nu stralend en heerlijk warm geworden. We besluiten te stoppen. Het is een prachtige, en weer gezellige maar vooral ook leerzame dag geweest in de polder. Penvissen, je bent nooit uitgeleerd!

Groeten,
Peter

9 apr 2018

Een fantastische morgen

Zondag morgen 15 april. Vanmorgen ben ik de polder ingetrokken met het voornemen voor te voeren voor vanavond. Toch maar een hengel meegenomen; je weet maar nooit.

Heerlijk, de weidevogels roepen me voor m'n gevoel toe als ik de polder in loop. Ganzen gaan in de wieken, en het voelt fantastisch om terug te zijn in mijn groene wereld. Vandaag heb ik m'n oude vertrouwde Hardy Fred Taylor Trotter meegenomen. Deze hengel is 11.3 ft lang met een testcurve van 1.25 Lbs. Geen Luxor molentje, maar een kleine Pfleuger President met 20% Maxima op de spoel gaat tussen de ringen.

De eerste karper van vanmorgen is niet groot, maar wel hoog van bouw en behoorlijk zwaar.

De tweede karper verraadt zich door eerst rustig over mijn voerplekje heen te kruisen. Met 72 cm een echte polderbuffel.

Karper nummer drie is van een heel ander kaliber dan de eerste twee van vanmorgen. Slecht een centimeter groter dan karper nummer twee, maar wat een snelheid ontwikkelde deze vis. Het eerste schot door de slip dat deze karper nam was zeker 30 meter. Een vis die doet denken aan de boerenkarper, voor wat betreft lichaamsbouw.

Een fantastische morgen met drie totaal verschillende schubkarpers die een ding gemeen hebben: het zijn alle drie prachtige vissen. Ik kijk nu alweer uit naar vanavond!

Groeten,
Peter

Korstvissen, de sleutel tot succes

Zondag 2 juli. Vandaag ben ik voor de tweede keer te gast bij Frits in de polder. Deze keer gaan Frits en ik met z'n tweëen vissen. Om 4.35 uur arriveer ik op de afgesproken plek, en vanaf daar rijden we de polder in. De zelfde polder als twee weken geleden, maar nu gaan we vissen in een ander gedeelte. Ook dit deel van de polder ziet er uitnodigend uit, alleen is er heel veel begroeiing. Tussen de begroeiing ontdekken we tot onze verbazing paaiende karpers! Nee, geen brasems maar karpers, we kunnen ze duidelijk zien. En vreemd genoeg zwemmen er karpers achteraan die zich behalve aan slakjes te goed lijken te doen aan het kuit.

De eerste stek ziet er veel belovend uit, maar draadwier gooit roet in het eten. Hier is vissen op de bodem haast niet mogelijk. Verderop proberen, dan maar. Hoewel daar wel op de bodem gevist kan worden tonen de karpers geen intresse in ons aas. Wel vangt Frits een aantal forse voorns en brasems. Zelf weet ik zo zes brasems te vangen, twee zijn gemeten en met 50 en 53 cm echte vloermatten.

Uiteindelijk neem ik het besluit om met de broodkorst te gaan vissen. De karpers liggen op sommige stukken water tussen de watervegetatie te slurpen. Voorzichtig sluipen en dan de broodkorst in het spoor van de karper aanbieden..... het blijkt de sleutel tot succes, want al vrij snel vang ik een prachtige karper.



Een ronde vis, één brok spieren, een boerenkarper. Duidelijk is wel dat er vandaag gewerkt moet worden voor een karper, maar ach, zijn dat niet de visdagen die je het langst bijblijven? Verschillende karpers worden voorzichtig benaderd, maar voor het brood wordt geen interesse getoond. Na een paar honderd meter sluipen hoor en zie ik een azende karper in het midden van de poldersloot. De broodkorst wordt te water gelaten en door de wind drijft ie richting de karper. Met de 400 cm lange hengel kan de korst 'gestuurd' worden, en in dit soort situaties is een langere hengel wel een uitkomst. Als een snoekdrijver onder een levendaas hengel, drijft de korst richting de karper. De mond opent zich en de korst wordt naar binnen gezogen. Eén, twee, drie, aantikken.... en hangen!

Zo onder het wateroppervlak gehaakt lijken de karpers nog feller te reageren als er aangetikt wordt. Er is niet zo'n moment van één of twee seconden bedenktijd, zoals zo vaak gebeurt bij het vissen op de bodem. Nee, meteen breekt het wateroppervlak open, en krijst de slip van de ABU 44. Die ABU is trouwens wat mij betreft nog steeds één van de betere werpmolens ooit gemaakt voor het penvissen. Na een korte maar hevige dril ligt karper nummer twee in het net, en Frits weet een leuke foto te maken van mij en de karper.



Frits besluit om het ook met de korst te gaan proberen. Samen, maar op afstand van elkaar struinen we de kanten af op zoek naar karper. Van Frits heb ik een aantal foto's genomen tijdens het korstvissen.


En niet zonder resultaat, want Frits weet zijn eerste karper op de korst te vangen!

Later lost zowel Frits als ik een karper die losschiet tijdens de dril. De zon wordt spelbreker, de karpers worden passief en azen niet meer. Slechts wat voorntjes tonen nog interesse in onze korsten. Tijd om de hengels af te tuigen en richting huis te keren, maar eerst nog een foto van het door ons gebruikte materiaal.


"Hollands" glasvezel van Schreiner en Spinhoven, met daaronder Zweedse ABU Cardinal's 44, prachtig materiaal om op oer Hollandse karpers te vissen.

Groeten,
Peter

Nostalgische karperdag


Zondag 9 juli. De afgelopen 3 avonden heb ik gevoerd met harde mais en kattebrokjes in een polder. Niet zomaar een polder, maar een oud water dat ooit zelfs een veenriviertje is geweest. Door drooglegging van de omliggende meren maakt het veenriviertje nu deel uit van de polder. Het is ook in deze polder waar ik ruim 20 jaar geleden ben begonnen om gericht op karper te vissen. De laatste jaren vis ik hier alleen nog in de winter, en dan op snoek. Ik heb voor dit water gekozen omdat ik een “nostalgische karperdag” op een nostalgisch water heb georganiseerd voor de leden van Lichtervissen. En vandaag is het zover, om 4.45 uur rijd ik richting mijn geboortedorp, en daar staan Ap, Frits, Hans en Herman al op mij te wachten op de parkeerplaats. Even kennis maken met Hans, die gaat namelijk voor de eerste keer mee, en dan rijden we in colonne richting de polder.


Daar aangekomen vertel ik in het kort waar gevoerd is, en hoe het water in elkaar steekt. Een water dat van vrij diep (voor polder begrippen) naar steeds ondieper verloopt. We besluiten om op het diepere gedeelte vooraan te beginnen. Het is nog schemerig, maar het wordt al licht als de hengels van glasvezel en carmide in elkaar worden gestoken. De “nostalgische karperdag” is begonnen. Hopelijk lukt het één van ons vandaag een wilde karper te vangen, dat zou leuk zijn. Het is Hans die het als eerste met een karper aan de stok krijgt, maar niet voor lang helaas. Met een keiharde knal breekt zijn lijn, die later om de top van z’n hengel geslagen bleek te zijn. Een grote bult in het water geeft aan waar de zo juist “ontsnapte” karper zijn heil zoekt. Jammer, jammer, jammer, en Hans is ook nog eens een Leo Bester pennetje armer.


Verder blijft het bij mij stil, en slaat Frits mis op een vis die ook wel eens een karper geweest zou kunnen zijn. Ik besluit naar achteren te gaan naar het ondiepe gedeelte. Daar vis ik twee plekjes af, maar geen aanbeet (wel een forse brasem gespot. maar die zwom door). Ondertussen is Herman ook naar achteren gekomen, en hij vertelt mij een mooie donkere brasem te hebben gevangen. Zelf ga ik weer terug naar het diepere gedeelte voorin, om even in de buurt van Hans te kunnen vissen. Ook voorin is het verder stil gebleven op de brasem van Herman na, en de “nostalgische karperdag” begint meer op een “nostalgische brasemdag” te lijken. Ondertussen vangen Frits en Ap nog wat klein spul, maar de karpers laten zich niet meer zien.


Frits gaat het helemaal achterin vanaf de half vergane brug proberen. Ik besluit na een half uurtje ook die kant op te gaan. Frits heeft wel aanbeten gehad vanaf de brug, maar nog niets gevangen, vertelt hij mij als ik hem passeer om het in het laatste stuk te proberen, waar deze poldersloot ophoudt te bestaan. Daar staan ook wat plukken riet in het water, en op die plek wil ik een kans wagen. Ondertussen speelt het door mijn hoofd om de polder te verruilen voor een cultuurwater. Het is per slot van rekening een “nostalgische karperdag” en het zou wel zo leuk zijn als er een karper gevangen wordt. Maar dan zie ik de rieten bewegen, en ik zie bellensporen. Hier zitten dus de karpers! En als niet veel later mijn pennetje wegloopt en aan sla op iets massiefs weet ik dat dat klopt. Het is een beste karper, zonder twijfel, zeker voor polderbegrippen. “Frits, Frits!”, roep ik, “Ik heb er één!”. Frits komt via de overkant mijn kant op en neemt meteen een paar foto’s tijdens het drillen. De sloot houdt hier op, dus Frits staat in no-time naast me om de karper te landen met het net. En wat voor karper, 68 cm spieren, een echte wilde karper. Man,. wat ben ik blij, we hebben karper gevangen! Frits schiet een paar mooie platen, en dan keert de karper weer terug naar waar hij thuis hoort.



Achter de doodlopende kom waar het veenriviertje eindigt, is nog een slootje. Met recht een slootJE, maar uit ervaring weet ik dat ook in dergelijke slootjes vaak karpers zwemmen. Toch maar even kijken. En er zwemmen karpers, meerdere flinke vissen grazen als graskarpers langs en onder de kanten van het slootje. Mijn halfje wit en kattebrokken liggen in de auto, en dat is zeker 15 minuten lopen van hier. En wormen heb ik al helemaal niet meegenomen. Dan maar proberen met mais. Bijna tijgerend besluip ik de karpers, en steeds probeer ik ze te verleiden tot het nemen van de maiskorrels. Eén keer lukt het, maar ik sla een gat in de lucht. En dan is het raak, en de karper drilt mij i.p.v. ik de karper. Hoewel deze karper zeker niet groter is als de eerste, doet hij er aan de hengel niet voor onder. Ondertussen is ook Frits mijn kant opgekomen, en hij maakt zo het laatste deel van de enerverende dril mee. Eenmaal op de kant blijkt dat de karper over het aas heen is gezwommen: de haak zit buiten de bek, zeg maar onder in de ‘kin’. Waarschijnlijk kwam de vis daarom anders en sterker over tijdens de dril.

Met Frits vis ik samen het slootje af en we struinen zo een heel eind. En dan hoor ik mijn naam, en staat Frits met een kromme hengel. Helaas de karper schiet los. Herman is ook onze kant op gekomen, en hij kijkt een beetje ongeloofwaardig naar het slootje waarin Frits en ik vissen. Als ik hem de foto’s laat zien op het beeldscherm van mijn digi, besluit hij het ook een kans te geven. Met twee karpers ben ik zelf meer dan tevreden en ik besluit terug te lopen naar Ap en Hans, hopende op een karper voor Frits en Herman in het slootje. Bij Ap aangekomen hoor ik dat Hans net vertrokken is, maar het wel heel leuk heeft gevonden. Het laatste visuurtje blijf ik bij Ap zitten en ondertussen tuig ik de hengel af. Later voegt Herman zich bij ons, en vertelt een baarsje te hebben gevangen in het slootje. Dat Frits niet meegekomen is verbaast me niets. Ondertussen weet ik dat Frits een aanhouder is, een echte pittbul. Als hij een half uurtje later bij ons komt zitten vraag ik hem: ‘En?’ Hij antwoordt: ‘Wat dacht je, zou ik anders al terug zijn gekomen?” Ook Frits heeft een karper gevangen, die ook nog eens exact 68 cm lang bleek te zijn. Vanaf zijn vistas heeft hij met de zelfontspanner een leuke foto weten te maken.

Ap vangt nog een mooie forse brasem terwijl we toekijken, en haalt zijn dobber er nu ook definitief uit. Met vier man zitten we lekker in het gras en praten nog zeker een half uur na. Praten over vissen, polders en natuurlijk materialen. Het is een meer dan geslaagde “nostalgische karperdag” geworden, met dank aan de Lichtevissers.

Groeten,
Peter

12 okt 2016

Vissen naar het gedachtegoed van Jan Schreiner



Dinsdag 11 oktober 

Vanmiddag heb ik mezelf een paar uurtjes vissen kado gedaan. En daarna deze uurtjes doorgebracht in m'n favoriete polder. Zelfs met maar een karper(tje), is het een middag geweest om in te lijsten! 





Fair Play 1 lbs geel glasvezel,  geschikt voor gewoon nylon 0,18 tot 0,22 mm - in dit geval 0,20 mm Stilon, Luxor 1 A werpmolen en een origineel Fair Play eipennetje. Met deze uitrusting struinen door de polder, gericht op boerenkarper is 100% Fair Play.









Groeten,
Peter