16 sep. 2007

De polder in met Frits, Jan-Willem en Paul

Zondag 16 september. Vandaag is het eindelijk zover. Frits, Jan-Willem en Paul komen naar mij om te vissen op wilde karper in de polder. Om 8.00 uur hebben we afgesproken bij mij thuis, maar alle drie de mannen zijn ruimschoots te vroeg. Genoeg tijd om een bakkie te doen en even bij te praten.

Om even over 8.00 uur rijden we met twee auto's richting de polder. "Mijn" polder, en ik vind het fantastisch om deze keer gastheer te zijn voor de mannen uit Den Helder. Voor Frits en Paul is het dan ook de eerste keer dat ze gaan vissen in deze polder. Jan-Willem is van het voorjaar al een keer met me mee geweest.

Ik had al aangekondigd dat we vandaag echt moeten lopen om op de plek van bestemming te komen: de diep in de groene wereld verborgen poldervaarten, waar ik de afgelopen twee zondagen gevist heb. Het begint al goed als ik m'n vinger openhaal aan het prikkeldraad. Mannen, hier zijn geen fietspaden of hekken die geopend kunnen worden... struinen, struinen en klimmen door de polder!

Nu de tijd is aanbroken dat het sloten weer begint, ga ik in gedachten terug in de tijd. De tijd dat ik nog op de lagere school zat, en met mijn vriendjes de waterkant afstruinde opzoek naar opgebaggerde pijpenkoppen, botten en noem het maar op. Ik weet nog dat we een dode snoek vonden en die onder een paar grasplaggen lagen. Regelmatig werd er dan gekeken hoe het met onze buit stond. Zo leerde ik ook dat een snoek een schedel heeft die uit beenplaten bestaat. De kaken gevuld met tanden werden eerlijk verdeeld.

Vandaag loop ik ook door de polder met vrienden. Het gevoel en de spanning van toen zijn er nog steeds. Op een van de weilanden die we oversteken staan we oog in oog met een loslopende stier. Een grote kop, opgesierd met een blinkende ring door de neus, kijkt onze richting op. Spannend? Ja zeker!

Het weer vandaag is zeker niet onaangenaam, maar de geur van de herfst hangt al in de lucht. Het zal ook niet lang meer duren en dan is het over en uit met de karpers hier in de polder. Langzaam aan zakken ze af naar de diepere gedeeltes van de polder, om zich daar op te maken voor de koudere periode.

Nog twee hekken en dan zijn we er. De mannen zijn zo te zien onder de indruk, bij het aanschouwen van de omgeving waarin we vandaag gaan vissen. Leuk om te zien. De wind staat recht over de vaart heen richting het diepe stuk waar de vaart dood loopt. Het voedsel van de karper wordt door de wind ook deze richting opgeblazen. Hier worden dan ook onze hengels uit hun foudralen getoverd. Nu het kouder wordt is de kans sowieso groot dat er karper aanwezig is op dit stuk.


Paul, Frits en Jan-Willem beginnen met vissen op het diepere stuk. Ik ga richting het ondiepe gedeelte halverwege de polder. Om te vissen, maar ook om een aantal voerplekjes aan te leggen voor mijn gasten. Doen de karpers het niet op het diepe deel, dan kunnen we het straks hier gezamelijk proberen.


Paul zit het dichtste bij mij in de buurt.


Als ik zijn penhengel in een bocht zie leg ik de mijne op het gras neer om zijn kant op te gaan. Al snel is het me duidelijk dat het geen karper maar een grote platte is die de commotie veroorzaakt. Terug naar mijn penhengel dan maar. De wind die ondertussen aan kracht wint, maakt het er niet makkelijker op. Jammer, want bij windstil weer kun je hier bijna altijd wel karper aktiviteit zien.

De eerste aanbeet die ik krijg komt dan ook uit het niets. Duidelijk geen brasem, voel ik als ik de hengel hef. De karper boort zich het riet in en lost de haak. Dat is balen, juist vandaag nu de karper niet echt meewerkt! Maar ze zitten hier (op het ondiepe gedeelte) dus nog wel. Een kwartier later sta ik weer met een bijna ronde hengel. 'Paul, Paul, ik heb er een', schreeuw ik in zijn richting. Paul en Jan-Willem komen daarop mijn kant op. Dit keer gaat het wel goed, en kan ik Paul een echte wilde karper laten zien.


De wildebras gaat na de foto terug het water in. Met z'n drieen praten we over hoe, waar en waarmee te vissen.


We besluiten het hier te proberen. Frits blijft zitten waar ie zit. Van hem hoor ik later dan ook dat hij voldoende aktiviteit op zijn stek had. In het voorjaar, toen Jan-Willem hier was, was het vooral op het ondiepe gedeelte te doen. Vandaag gaat er hier achteraf veel vistijd verloren. We zien uiteindelijk wel karpers, maar het lukt ons niet ze voor ons aas te interesseren. Ook de vers gespitte wurmen lokken geen aanbeet uit die doorzet.

Paul en ik besluiten om even bij Frits te kijken. Maar goed ook, want onderweg zijn we er op afstand getuige van hoe Frits een karper drilt. Mooi, mooi, mooi. Nummer twee van vandaag is binnen.


Frits blijkt wel genoeg leven te hebben boven zijn voerplek, maar heeft wel bijna een complete maaltijdschijf aan de karper moeten voorzetten!


Wat wij verderop ook al een paar keer dachten te zien klopt dus, ze zitten op natuurlijk aas. De temperatuur is, al zou je het door de wind niet echt zeggen, behoorlijk opgelopen. Met z'n vieren op het ondiepere gedeelte vissen is daarom een voor de hand liggend besluit. Ondiep water warmt sneller op dan dieper water! In de koudere periode koelt dieper water weer minder snel af als ondiep water. En daar kunnen we dichter bij elkaar maar ook tegenover elkaar vissen. Een dam met duiker doet voor de boer dienst als korte route naar zijn andere weilanden.


Bijna tegenover Frits haak ik op de valreep van vandaag toch nog een karper van formaat. Flink wat meters nylon worden door de slip heen getrokken. En voor Frits richting de dam loopt om mijn kant op te komen maakt hij bovenstaande foto.



Gelukkig gaf de polder vandaag tijdelijk een paar van zijn schatten prijs. Prachtige, oersterke wilde karpers, vooral de laatste. Ik had de mannen zo graag zo'n vis gegund. De vistijd voor vandaag is helaas bijna op. Frits moet naar een verjaardag, en er rest ons nog een flinke wandeling terug en hem ook nog een uur met de auto. Om 14.00 uur moeten we echt stoppen. Gevoelsmatig zat er nog wel een karper voor ons in het verschiet, al zou het moelijk blijven. Het is hoe dan ook een mooie (vis)dag geweest. Samen uit samen thuis, en ik ben heel heel erg blij dat Frits vandaag hier was. De wandeling en klimpartij terug is een kopie van de heenweg. Met een verschil dat ik mijn camouflage broek heb afgeschreven. Nee, niet de stier was de schuldige maar het prikkeldraad. Mannen bedankt!

Groeten,
Peter

Geen opmerkingen: