10 jun. 2007

Tussen het hoge gras

Zondag 10 juni. Het oorspronkelijke plan om vandaag heel vroeg uit de veren te gaan laat ik varen. Niet dat ik geen zin heb om voor dag en dauw de polder in te trekken, maar ik geef mezelf de beste kans in de middag. De kans op karper wel te verstaan. In de middag en vroege avond is de kans groot dat je op azende of zonnende karper stuit, zeker met het aangekondigde weer voor vandaag. Geen voerplekjes maken, maar op zoek naar wuivende staarten met ronde lobben i.p.v. gevorkt zo als die van de brasem. Het is 13.00 uur geweest als ik de auto parkeer. Het gras staat hoog aan deze kant van de polder, dus ik loop zoveel mogelijk langs de waterkant, om zo min mogelijk "schade" aan te richten. Ik mag hier vissen van de boer, maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat ik zijn grasland plat trap.

De warme zon laat me flink puffen, maar zorgt ook voor verlichting. Verlichting in het water, en ik kan nu al wandelend duidelijk de karpers en de brasems herkennen zonder dat daarvoor hun staartlobben boven het water hoeven te steken. Zwemmen de brasems in koppeltjes van 3 tot 5 stuks, de karpers zwemmen solitair. Ongelofelijk hoeveel brasem er momenteel in de ondiepe polders rond zwemmen. Twee maanden geleden ving ik hier alleen maar karpers. Die zwemmen er nog steeds, maar hebben wel een geduchte voedselconcurrent erbij gekregen. Helaas is het me hier nog nooit gelukt om een karper drijvend met de korst te vangen. Meerdere pogingen heb ik hier gewaagd in het verleden, maar er was geen interesse.

Verderop aast een grote karper, op het midden. Het is daar ongeveer 60 centimeter diep, maar zijn staart wuift me toe. Modderwolken verraden dat de karper met zijn kop de bodem aan het omwoelen is. Snel tuig ik de glasvezel penhengel op, en stel het pennetje af op ongeveer 75 cm. Te diep uiteraard, maar door de bocht in de lijn zal de pen anders onder het wateroppervlak worden getrokken. De pen wordt een kleine twee meter voor de karper geworpen, en ligt in eerste instantie plat op het water. Langzaam draai ik de bocht in de lijn strak en dan staat de pen schuin boven water.

De karper vervolgt zijn weg, en zwemt richting de met maiskorrels beaasde haak. Dit is minstens net zo spannend, zo niet spannender dan vissen met de korst. De pen verdwijnt in het spoor van de karper, gevolgd door de nylon lijn. Het doet een beetje aan snoekbaarsvissen met de schuifpen en levend aas denken, zoals ik dat vroeger graag deed. Toen moest je minimaal tot tien tellen voor je de haak zette. Nu niet, en met een behoorlijke zwiep maak ik contact met de karper. Die hangt, en zwom de vis zojuist nog keurig in een spoor, nu schiet hij richting de overkant, ondertussen een aantal malen een soort haakse beweging naar links en rechts makend. Net zoals een haas doet, die op de vlucht voor een hond is.

Deze manier van vluchten is ook kenmerkend voor de wilde en boerenkarpers. Niet in een vloeiende beweging een flink aantal meters nylon door de slip van de molen trekken, zoals de grotere karpers dat in de polder waar Jan-Willem woont doen, maar ploegen van links naar rechts door de sloot. De soepele (dus niet slap) glasvezelhengel vangt alle beuken mooi op. Elke keer als ik de karper weer onder mijn kant krijg, zet ik voor de zekerheid de slip van de ABU Cardinal 44 een tandje losser. Cijfer nummer 7 wordt naar nummer 6 gedraaid via de stelmoer die achterop het carter van de werpmolen zit. "Spelen" met de slipmoer, bij moderne werpmolens met hun vaak grote slipschijven en fijn instelbare slip voorop is dat niet nodig en blijf ik er meestal dan ook van af. Bij de ABU Cardinal is het soms verstandiger om dat wel te doen. De van cijfers voorziene slipmoer met klik geluid nodigt ook uit tot spelen met de slipinstelling.

Gedateerd of niet, het blijven juweeltjes om zo nu en dan mee te vissen die oude ABU Cardinals. De uithalen worden korter en de laatste worden geheel opgevangen door de hengel. Niet veel later ligt er voor mij in het net op het hoge gras een grote wilde karper. Het meetlint bevestigt het woordje groot dan ook door pas bij 71 cm karper te stoppen. De eerste vis van vandaag is een karper, en nog een beste ook deze visdag is net begonnen en kan nu al niet meer stuk.

Ook de tweede vis van vandaag is een karper! Smakgeluiden in het bewegende riet verraden een azende karper. Als een reiger sluip ik naar de waterkant en laat de haak met maiskorrels voorzichtig zakken. Deze keer gaat het heel vlot, want binnen de korste keren sta ik alweer met diep doorbuigend glasvezel in mijn hand. Na een korte dril en een foto, gaat de karper meteen terug in het water. Het is nu gewoon te heet om samen met de vis met behulp van de zelfontspanner op de foto te gaan. Wegen van karpers doe ik zo ie zo al jaren niet meer.


Op de volgende plek waar ik op vermoedelijke karperactivteit stuit, wordt mijn aanwezigheid niet gewaardeerd. Geen loslopende stier, maar een libelle heeft daar zijn territorium en dat laat ie weten ook. Als eerste valt hij mijn pennetje aan, als ik die tussen de rieten wil laten zakken. De hengel krijgt ook meerdere schijnaanvallen te verwerken.

Wegwezen dan maar, want wie ben ik om zo maar door zijn "huiskamer" heen te lopen. Verkassen blijkt sowieso een goede set, want al verder stuinend stuit ik op een langs (en aan) het riet slurpende karper. Vandaag lijkt het wel of alles lukt, want ook nu duurt het niet lang voor de hengel een fraaie bocht heeft aangenomen.

Dat de volgende vis een brasem is mag de pret niet drukken.

Na nog een aantal brasems, denk ik weer aan een brasem vast te zitten terwijl ik eerder toch duidelijk een ronde staart door het wateroppervlak heen zag prikken. Het blijkt wel degelijk de eerder gespotte karper te zijn, maar dan één met een relatief groot lijf en een kleine staartwortel. Een schubkarper van het type dat Jan-Willem afgelopen maart en ik in april bij hem in de polder hebben gevangen. Ook die karpers hadden een kleine staartwortel tegenover een groot en zwaar lijf. Deze karper is wel een stuk kleiner dan de karpers die wij in maart/april en ook nog eens op een stuk lichter materiaal hebben gevangen. De vluchtpogingen worden geheel door de hengel opgevangen, de slip van de werpmolen hoeft dan ook geen assistentie te verlenen. Schreef ik net dat de ABU Cardinal 44 in bepaalde opzichten gedateerd is, een penhengel afgebouwd op een glasvezel blank van goede kwaliteit is dat zeker niet.

Na de toch wat mindere karpervangsten van de afgelopen weken, waarbij de brasems de boventoon voerden is vandaag weer een topdag. Zo'n dag die je nog lang bij blijft. Het zou nog mooier worden. Terug wandelend richting de auto zie ik hoe een kluitriet op een baldadige wijze bijna ontworteld wordt. De pen laat ik zakken op de plek waar ik de kop van karper vermoed. Het duurt een paar minuten maar dan verdwijnt het pennetje. De vandaal van zojuist gaat nu te keer onder de hengel. Tien, twintig meters nylon vliegen door de oogjes als of het niets is. En ook als ik voor mijn gevoel de karper onder controle heb sleurt hij nog een aantal malen een paar meter lijn door de slip. Dit is karpervissen pur sang. Vooral de laatste meters tot het landingsnet zijn moeilijke. Iedere keer als de karper het net ziet of voelt gaat hij ervan door. Dit duurt zeker een paar minuten, heel spannende minuten. Een kat- en muisspel tussen vis en visser. Gelukkig trek ik vandaag aan het langste eind!


Een wilde karper van 72 cm, een brok spieren. Wat een beer. De zon is nu behoorlijk in kracht afgenomen, dus ik durf het aan een foto met de zelfontspanner te maken. Een plaatje wat de sfeer van vandaag, vissend tussen het hoge gras, goed weergeeft. Als ik de vandaal weer heb laten zwemmen vind ik het meer dan mooi geweest. De haak gaat niet meer te water, de hengel ligt naast me op het gras en ik geniet. Ik blijf nog zeker drie kwartier nagenieten, zittend tussen het hoge gras. Heerlijk!

Groeten,
Peter

2 opmerkingen:

Geert Vandeplancke zei

Puik Peter!
Wat een prachtige visserij!

Groeten uit België,
Geert

Peter zei

Hoi Geert,

Dank je wel!
Ik lees net dat jij op http://geertvandeplancke.blogspot.com/
een stukje aan Struinen Door De Polder hebt gewijd. Heel leuk!

Groeten,
Peter