7 mei 2007

Boerenkarper

Zondag 6 mei. Vanmorgen loopt de wekker om 4.30 af, en voor de zekerheid heb ik aan Jan-Willem gevraagd om mij te bellen als hij van huis gaat. Om 5.00 uur ontmoeten Jan-Willem en ik elkaar op een parkeerplaats om vanaf daar samen naar Anna Paulowna te rijden om op boerenkarper te vissen. Om 6.03 uur komen we daar aan. Frits staat al op ons te wachten.

Visserijonderzoekers van de Wageningse universiteit hebben een aantal jaren geleden in samenwerking met de OVB vastgesteld dat in de polders rond Anna Paulowna nog boerenkarpers zwemmen. Wat me van de bezoekjes aan deze polder van vorig jaar bijgebleven is, is de kracht van deze karpers. Zijn de wilde karpers die in de Zaanstreek/Waterland rondzwemmen al geen "lieverdjes", de karpers in de Anna Paulowna-polder gooien daar nog een schepje boven op.

Het is sowieso leuk om weer eens in de polders bij Frits te vissen. De laatste keer was afgelopen Januari , en dat was op snoek. Een prachtige polder, en ook nog eens samen met twee goede vismaten, dat belooft wat voor vandaag.

Tijdens onze wandeling dieper de polder in, zien we ze al. Nou ja, modderwolken en v-vormige golven verraden de weg vluchtende boerenkarpers. Man, wat zijn die beesten schuw - bij de kleinste beweging gaan ze ervandoor. Daarom gaan Frits en ik vissen met 1.25 Lbs medium tapered penhengels (CJW & Hardy), en Jan-Willem met een 1.75 Lbs (Temming Traditional) medium/slow tapered penhengel. Onder een zachte en vaak trage slow tapered penhengel gedraagt de karper zich in de regel rustiger dan onder een medium tapered penhengel. Een boerenkarper wil slechts een ding nadat hij in aanraking met de haak is gekomen, en dat is vluchten. En dan heb je met een slow taper vrijwel niets in te brengen, zeker als deze langer is dan 12 ft en een lichte testcurve heeft. Je mist de ruggegraat, ook wel reserve genoemd, die een goede medium/slow of een medium tapered penhengel bezit.

Deze polder en de hier aanwezige karpers doen sterk denken aan de polders bij mij in de buurt. De polders waarin ik het vissen geleerd heb, en mijn eerste karpers gevangen heb. Alleen moet je hier nog voorzichtiger de karpers benaderen. Op een kleine vijftig meter uit elkaar maken we onze voerplekjes en niet veel later zitten we te vissen. Zitten op je kont of liggen op je buik om jezelf zo onopvallend mogelijk te houden. Als ik vanmorgen de eerste torpedo van vandaag sta te drillen, komen Jan-Willem en Frits naast me staan om mee te genieten. Daarna bewonderen we gedrie├źn de krachtpatser op de kant in het net.

Dat deze polder me goed ligt blijkt al snel, want ook de tweede karper van vandaag wordt onder een Hardy gedrild.

Dan is Jan-Willem aan de beurt en ook zijn hengel buigt tot in het kurk. Als je de foto (boven) bekijkt dan kun je maar moeilijk bevatten dat het karpertje op de foto hieronder daarvoor verantwoordelijk is!

Een karper(tje) van nog geen 50 cm die een 1.75 Lbs hengel krom zwemt tot in de kurken, en een paar meter nylon door de slip trekt, dat is toch ongekend?

Na twee karpers houd ik het op mijn eerste voerplekje voor gezien, en besluit het een stuk verderop te proberen. Op een afstand van een meter of tien verplaats ik me voorzichtig langs het water. In een open stuk tussen twee rietkraagjes in spot ik een grote karper. Nog voorzichtiger dan net sluip ik naar de oever. Een paar korrels mais strooi ik een voor een op een meter of drie van de karper in het water. Hopelijk zwemt hij straks deze kant op. Het is mijn bedoeling om de haak met maiskorrels straks voorzichtig te laten zakken op de plek waar ik heb gevoerd.

Op het moment dat ik mijn haakaas laat zakken naar de bodem verbaast het me dat het op deze plek zo ondiep is. De dobber ligt plat op het water. De reden daarvan blijkt niet de bodem, maar de karper die ik zo juist zag. Want als ik mijn tuig uit het water wil halen, blijkt dat ik de maiskorrels voor de bek van de karper heb laten zakken. En die karper is het daar niet mee eens en meters lijn worden door de slip van de werpmolen getrokken.

Tijdens de dril maakt Frits de foto hierboven. Een foto waar ik heel blij mee ben, en die behalve het moment ook de buiging van de hengel laat zien. Als je de foto aanklikt dan kun je het nog beter zien. Ook een goede medium tapered penhengel buigt over de gehele lengte van de hengel tot in de greep. Absoluut geen topaktie of een buiging tot net na de sluiting, zoals je soms leest in boeken en op forums.

Eenmaal op de kant heb ik bij deze karper toch wel mijn twijfels. De bouw en buikomvang doet een schubkarper vermoeden en de lengte van 70 cm ook! De buikomvang is kuit en dus te verklaren. Hoe het ook zij, ik ben heeeel blij met deze karper en voor de foto fatsoeneer ik mij enigzins door mijn ondertussen smerige en stinkende jas even uit te doen.

Gelukkig is het hierna de beurt aan Frits (die zich ondertussen alweer door een aantal brasems heen heeft geworsteld) om met een karper op de foto te gaan. We hebben op dat moment alledrie karper gevangen vandaag.
In mijn eentje struin ik een stuk dieper de polder in op zoek naar karper. Helaas is de wind zoals voorspelt behoorlijk in kracht toegenomen. De wind komt van de overkant en achterin vind ik stuk waar bomen zijn gepland. Daar vang ik mijn vierde en laatste karper van vandaag. Omdat hier weinig wind staat en ik in het midden karpers onder het wateroppervlak heb zien "hangen", kan ik het niet laten om een poging met de korst te wagen. Het lukt wel om de interesse van de karpers te wekken voor de gestooide korsten, maar de korst aan mijn haak wordt niet genomen.

De laatste anderhalf uur van vandaag vissen we gedrie├źn op het beschutte gedeelte. Op een plek langs de oever waar ik eerder korsten heb gestrooid haakt Jan-Willem twee karpers op de bodem met mais. De eerste weet helaas de bomen aan de overkant te bereiken, met lijnbreuk tot gevolg. De tweede weet hij wel uit de takken te houden, en mag samen met zijn vanger (met big smile) op de foto.

Frits doet de laatste anderhalf uur ook goede zaken. Bij een bruggetje een stukje verderop moet hij alle zeilen bijzetten om deze karper te landen. Het laatste deel van de dril geniet ik mee naast hem op de brug, om vervolgens de karper met het net voor hem te landen.

De laatste karper van deze zeer geslaagde visdag met een gezamelijke vangst van negen karpers is ook voor Frits. Een echte oud-strijder, ik bedoel natuurlijk de karper :-), met een afgesleten rugvin en een gehavende staart. Om 16.00 uur zitten Jan-Willem en ik weer in de auto, maar nu richting huis. Tijdens de terugreis, die een uur duurt, praten we honderduit over polders, hengels en karpers, maar vooral over boerenkarpers. Mannen, het was fantastisch om samen met jullie door de polder te struinen!

Groeten,
Peter

1 opmerking:

viridiflavus zei

Jammer dat ze al zo vermengd zijn met schubkarpers. Echte torpedo's zie je niet veel. (eindstandige bek en geen knik achter de kop.